geschriften

Te huur

Vluchtende wolken vlogen langs een grauwe hemel en bomen zwiepten vol venijn. De wind probeerde tuimelende kraaien naar de grond te blazen. Het was herfst.
De holenmuis zat onder de grond een noot te eten en zei tegen de mol: ‘Mooi dat het onder de grond niet waait.’
‘Ja,’ zei de mol.
‘Je kunt nu gangen verhuren.’
‘Zou kunnen,’ zei de mol.
‘Er is vraag naar ruimte ondergronds.’
‘Veel?’ vroeg de mol.
De holenmuis keek alsof hij het wist.
Maar dat was niet zo.
En de volgende dag had de mol een bord geplaatst: ‘Warm de winter door bij Mol. Ondergrondse woning vrij, korting voor vette larven en jonge regenwormen.’
De neushoorn kon niet lezen en reserveerde de grootste gang van het complex, voor een weekend erop uit. De mol twijfelde of de neushoorn paste, maar hield z’n mond en was de hele middag een extra brandgang aan het graven.
Een dag later kwam de olifant ook informeren. Hij zocht een tijdelijk verblijf, vanwege een relatie die op de klippen was gelopen. Vooral niet te groot, hij was maar alleen.
Maar de olifant was zo verdrietig dat zijn tranen alle gangen vulden, en toen daarna de neushoorn nog een hoestbui kreeg was weken graven van de mol naar de godverdommenis.
De mol ging met grote tintelende handen die iets wilden op zoek naar de holenmuis, maar die was weer verhuisd naar boven. Zomaar zonder reden.
Voor zover bekend.

One thought on “Te huur

Leave a Reply to Elma Cancel reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *